Conflicten in de onderneming

Print deze pagina
kopfoto-geschillen-in-de-vennootschap

Als advocaat adviseer en procedeer ik veelvuldig voor ondernemingen en hun aandeelhouders, vennoten of maten bij (dreigende) conflicten in de BV, NV, VOF, CV, maatschap of coöperatie. Daarnaast geef ik hierover op verzoek ook second opinions en preventief advies.

Conflicten voorkomen
Veel conflicten kunnen worden voorkomen door goede afspraken te maken en deze duidelijk vast te leggen in een samenwerkingsovereenkomst. Wanneer de onderneming in een BV, NV of coöperatie is ondergebracht is het verstandig om de belangrijkste afspraken daarnaast ook op te nemen in de statuten. Veel voorkomende samenwerkingsovereenkomsten zijn de aandeelhoudersovereenkomst (BV/NV), het vennootschapscontract (VOF/CV) of maatschapsovereenkomst (maatschap van vrije beroepsbeoefenaren zoals artsen en zakelijke dienstverleners). Het maken en vastleggen van die afspraken is maatwerk. De afspraken en overeenkomst dienen immers aan te sluiten bij de doelen die de onderneming en zijn aandeelhouders/vennoten ook op langere termijn willen bereiken. Ik kan u hier mee helpen.

Conflicten oplossen
Conflicten kunnen sneller en goedkoper worden opgelost als in de samenwerkingsovereenkomst en statuten een goede geschillenregeling is opgenomen. Deze kan voorzien in een verplichting tot onderling overleg, zo nodig gevolgd door mediation/bemiddeling en eventueel geschilbeslechting door een bindend adviseur voor onderwerpen waarvoor specifieke expertise nodig is; denk bijvoorbeeld aan geschillen over de inhoud van de jaarrekening of de waarde van (aandelen in) de onderneming. Ook kan escalatie van- en schade door conflicten worden beperkt door geheimhouding over conflicten af te spreken en een verbod om gerechtelijke procedures te starten zolang er nog sprake is van reëel overleg of mediation/bemiddeling.

Procedures bij de Rechtbank
Iedere partner kan via de Rechtbank nakoming van de samenwerkingsovereenkomst, wet en statuten afdwingen. Denk hierbij onder andere aan het afdwingen van een voorgeschreven vergadering van aandeelhouders, vennoten of leden, het opstellen van verplichte financiële rapportages en het verstrekken van informatie over de onderneming. Dit kan vaak ook goed via een kort geding.

Schorsen en vernietigen van besluiten
Een BV, NV of coöperatie handelt op basis van besluiten van het bestuur of de aandeelhouders- c.q. ledenvergadering. Een partner kan bezwaren hebben tegen een genomen besluit. Bijvoorbeeld omdat dit in strijd is met de wet, de statuten of de redelijkheid en billijkheid die de partners tegenover elkaar in acht moeten nemen. Deze partner kan de Rechtbank dan vragen om het besluit ongeldig te verklaren ('nietigheid/vernietiging').  Ook kan hij, vooruitlopend daarop, via een kort geding vorderen dat het besluit ondertussen wordt geschorst en niet (verder) mag worden uitgevoerd.

Exitregeling, ontbinding en geschillenregeling
Een goede samenwerkingsovereenkomst bevat ook een exitregeling. Deze regelt het (gedwongen) vertrek van een partner wanneer sprake is van onoverbrugbare conflicten of andere omstandigheden die verdere samenwerking blokkeren. Voor het geval geen exitregeling is afgesproken, biedt de wet hiervoor een vangnet. Bij een VOF, CV of maatschap kan iedere partner de Rechtbank vragen om de VOF-, CV- of maatschapsovereenkomst te ontbinden. Aandeelhouders in een BV of besloten NV kunnen via de wettelijke geschillenregeling bij de Rechtbank een overdracht van aandelen afdwingen tegen een door een deskundige vast te stellen prijs. Deze vordering kan ook direct bij de Ondernemingskamer worden ingesteld als de partijen dit afspreken en dan eventueel worden gecombineerd met een enquêteverzoek (zie hieronder).

Procedures bij de Ondernemingskamer
Als de onderneming wordt gedreven door een BV, NV of coöperatie kan ook een enquêteprocedure bij de Ondernemingskamer worden gestart. Iedere aandeelhouder met een belang van minimaal 10% alsmede de rechtspersoon zelf kunnen de Ondernemingskamer verzoeken om een onderzoek in te stellen naar het beleid en de gang van zaken binnen de onderneming en het treffen van onmiddellijke voorzieningen.

Gronden voor toewijzing van het verzoek
De Ondernemingskamer kan het verzoek toewijzen als sprake is van gegronde redenen om te twijfelen aan een juist beleid of juiste gang van zaken in de rechtspersoon of onderneming zoals bij:

  • Patstellingen binnen het bestuur of de aandeelhoudersvergadering waardoor noodzakelijke investerings- en financieringsbesluiten niet meer kunnen worden genomen;
  • Ontoelaatbare belangenconflicten zoals een bestuurder die transacties verricht met zichzelf of met aan hem gelieerde personen of die de rechtspersoon concurrentie aandoet;
  • Ernstig onzorgvuldige besluitvorming zoals het verstrekken van leningen zonder adequate zekerheid of het doen van bedrijfsovernames of grote investeringen zonder deugdelijk onderzoek;
  • Benadeling van de minderheid door de meerderheid zoals het langdurig niet uitkeren van dividend terwijl er voldoende reserves zijn of deze buitensluiten van de informatievoorziening of besluitvorming;

Onmiddellijke voorzieningen
In praktijk wordt een enquêteverzoek vaak vooral ingediend vanwege de mogelijkheid om de Ondernemingskamer te vragen om onmiddellijke voorzieningen te treffen. De Ondernemingskamer behandelt dit verzoek meestal heel snel, variërend van enkele dagen tot enkele weken na indiening van het verzoek. Regelmatig is dit nog sneller dan een kort geding procedure bij de Rechtbank. Een ander voordeel is dat de Ondernemingskamer veel meer verschillende soorten maatregelen kan nemen dan de rechter in een gewoon kort geding. Veel voorkomend zijn het aanstellen van een onafhankelijke bestuurder of commissaris met vergaande bevoegdheid, het tijdelijk overdragen van aandelen, het schorsen van besluiten van het bestuur of de aandeelhoudersvergadering en een tijdelijk verbod om deze (verder) uit te voeren en schorsing of ontslag van bestuurders. Ook kan de Ondernemingskamer een onafhankelijke mediator, bemiddelaar of bindend adviseur aanstellen om zo een snelle oplossing van het conflict te bevorderen.

Onderzoek naar het beleid en de gang van zaken
Als sprake is van gerede twijfel over een juist beleid of een juiste gang van zaken binnen de rechtspersoon of onderneming kan de Ondernemingskamer hiernaar een onderzoek bevelen. Hij benoemt dan een onafhankelijke onderzoek die een rapport maakt. Op basis van dit rapport kan de Ondernemingskamer vervolgens op verzoek vaststellen dat sprake is van wanbeleid en naar aanleiding daarvan ingrijpende maatregelen nemen. Ook kan een wanbeleid rapport worden gebruikt als onderbouwing van een schadeclaim tegen de hiervoor verantwoordelijke personen.

Uitkoop van aandeelhouders/vennoten
Bij vertrek van een aandeelhouder of vennoot speelt vrijwel altijd de vraag welke prijs hij voor zijn aandelen moet krijgen. Het is verstandig om hierover tevoren afspraken te maken en deze duidelijk vast te leggen in de samenwerkingsovereenkomst en, waar mogelijk, in de statuten. Hierbij wordt in praktijk vaak onderscheid gemaakt tussen een verwijtbaar vertrek ('bad leaver') en een niet-verwijtbaar vertrek ('good leaver'). Een bad leaver is bijvoorbeeld een partner die zonder goede reden voortijdig vertrekt of die ernstig tekort schiet in de nakoming van de tussen de partners gemaakte afspraken. Een good leaver ontvangt meestal de economische waarde van zijn aandelen die wordt vastgesteld door partijen in onderling overleg of anders door een onafhankelijke deskundige. Voor een bad leaver wordt hiervan meestal afgeweken.